vrijdag 11 april 2014

Logboek deel 136

De Laite


Een tijdsbeeld van de voorstelling 'olwiefkenijs' en de rare ideeën van een gepensioneerde dorpsdirigent. Extra een biografie over Tjoam zijn muzikantenleven.

De voorstelling ‚olwiefkenijs’

Ik had de vorige week een optreden in Wagenborgen. Het publiek stroomde binnen, ongeveer 25 jongens en meisjes van boven de 70. Er was één bijzondere man die opviel, legde zijn ellebogen op de tafel, keek me nauwelijks aan, hoorde hem denken ’wat wil dij vìnt hier.’
Een rasechte Grunneger, echter kun je het niet krijgen. Ik dacht als ik die aan het lachen krijg dan is geen zee te hoog meer. Ik begon, het was kniezen bij de man...maar ik hield hem in de gaten, legde er een schepje bovenop en ja hoor, hij kon het niet laten. De echte Grunneger lachte. De ellebogen kwamen zelfs even van de tafel om achterover leunend zijn snötterdouk oet de buuts te halen. Het was weer ouderwets gezellig. We kregen nog een gebakje, de menigte zong ‚lang zal die leven’ voor de jarige. Ik dacht dat geeft hoop op je vierentachtigste.

Ik ga vanavond vrijdag 11-4-14 naar TenBoer, waar eens onze beroemde straatzanger Jan de Roos werkte. De burgemeester ontdekte Jan en raadde hem aan zanger te worden. Jan alsook de burgervader hebben er nooit spijt van gekregen. Ik ga morgenmiddag met ‚olwiefkenijs’ naar OudePekela om de Anbo aldaar op te vrolijken en dan zit het seizoen er op. Als ik terug kijk was het een goed seizoen. Ik kan tevreden zijn, maar dan zit je op een dood punt, dus we gaan er weer tegenaan.

De vernieuwde voorstelling ‚olwiefkenijs.’

De voorstelling begon een paar jaar geleden over mijn stamboom, doordat ik teveel verklapte over mijn familie mocht ik ze niet langer bij t pad brengen. Toen kwam Tjoam mijn grote kameraad in beeld, zijn familie leefde in Groot Ulsda, toen in 1600 een eiland in de Dollard. Klein Ulsda heette Hutten het dorp van de scheepsjoagers. Fanny Blankers Koen...in de volksmond ‚Fanny Blankeschoen’ de grote hardloopster van Nederland was hier, lang geleden, in Hutten geboren.

Ik laat een foto zien in de voorstelling van Tjoam waar hij met zijn broer Kneles op staat. Eens schreef ik een verhaaltje over twee broers, die op een aparte manier leefden in de Laite (De Lehte bij Bellingwolde, prov.Groningen). Nu wil het toeval...als dat al mocht bestaan...dat er in de Laite werkelijk twee broers leefden die op mijn personages lijken. Het waren smokkelaars...hier zit toch weer een verhaaltje in voor de voorstelling...plus een nieuwe regio erbij om te delen met de mensen. Alle oude verhalen, alsook de Dollardlegendes raken in de vergetelheid, mede doordat er thuis weinig of geen verhalen meer wordt verteld. Zelfs de ouderen onder ons klapperen met de oren als ik het vertel. Olwiefkenijs gaat dus het volgend seizoen over drie personen en drie regio’s. Het Reiderland (de Dollard), het eiland Ulsda en nu dan straks De Laite. (wordt vervolgd)

Het verhaal over mijn grote vriend de muzikant Tjoam.

Niet te verwarren met Tjoam uit mijn voorstelling maar eigenlijk zijn het dezelfde personages.
Het schrijft lekker gemakkelijk als het over een ander gaat, vandaar dat Tjoam altijd de pineut is.

Ik schreef de vorige keer over de Duitsland tour van Tjoam in het grote orkest anno 1965. In de hele regio Rheinland/Pfalz werd opgetreden, daar zaten toen de meeste Amerikaanse militairen. Tjoam had één grote vriend in dit orkest dat was de gitarist. Hij was een vluchteling uit de DDR, hinkte ietwat, wat hij opgelopen had door een splinter van een granaat. Tjoam beschreef, hoe Helmud, zo heette hij, met oud en nieuw dekking zocht als er een rotje knalde, joa...de situatie in de DDR liet zijn sporen na, dat kon je wel zeggen.

De optredens waren super, elke avond in de NCO clubs, dat waren de clubs van de onderofficieren. In die tijd al voorzien van en ronddraaiend podium, waar dan het volgend orkest met een druk op de knop tevoorschijn kwam. Elke avond live tv opnamen die dan werd uitgezonden op de hele basis, zo ook in de restaurants konden de mensen het volgen. Artiesten werden overgevlogen vanuit Amerika en zo stond Tjoam dan zo maar naast mensen die hij alleen kende van de zwartwit tv van thuis. dat maakt dan natuurlijk wel indruk, vooral als je pas twintig bent.

De grote saxofoon nummers werden gespeeld zoals ‚Take V’ voor de zwarte mensen en bv ‚Yakety sax’ voor de cowboys. In die tijd was nog actueel de strijd tussen zwart en blank. In de pauzes ging Tjoam, zo schreef hij, wel eens naar de bar voor een drink...kwam aan de praat met een gekleurde man. Tjoam werd kort daarna op de schouders getikt door de manager dat hij dat beter niet kon doen, gelukkig nu niet meer voor te stellen. Tjoam trok zich er natuurlijk niets van aan en zo schreef hij dat het een lachen was toen ze beiden beschonken uit de club rechtstreeks van een dijkje afrolden in de sneeuw bleven liggen. De gekleurde man zei toen lachend, it’s easy te find a black in the snow.

Tjoam kreeg af en toe bezoek van Heinz Kübler een top saxofonist van het orkest ‚Fats and his Cats’ een zeer populair orkest toen in Duitsland. Kübler had in het orkest van Tjoam gespeeld, kwam af en toe eens langs als hij in de buurt was. Tjoam blies op een Otto Link mondstuk en de tenorsax klonk dan als een altsax maar net iets anders, daar kwamen saxofonisten op af om het te horen. In de laagte was de sax iets minder goed en de trompetist zei eens...“Als Heinz Kübler de lage bes blaast trilt het podium’ Heinz vertelde het geheim, Tjoam blies toen op aanraden een BergLasen mondstuk baan 120. Dat had Tjoam nou net niet geleerd op het conservatorium in Groningen. Het orkest liep fenomenaal, succes op succes en de grote aanbieding kon niet uitblijven. Een tournee werd gepland van hogerhand naar Vietnam, Korea, Hawaii en nog een zevental landen in Azië. Iedereen wild enthousiast in het orkest...Vietnam gevaarlijk maar moest lukken...met een helikopter naar het front de manschappen vermaken en snel weer terug...de bedoeling was vier weken Vietnam en dan weer verder. De bandleider had het plan opgevat om na Hawaii de stap te wagen naar de USA...De werkvergunningen zouden via de krijgsmacht geen probleem opleveren. Tjoam schreef me, hij was door het dolle.

Het was tegen kerst 1965, de inentingen waren begonnen, de trompetist viel nog even flaauw kwam op een kokosmat terecht, maar alles verliep op dit incidentje na, naar wens. Tjoam was nog wel ziek van de prikken zo hij schreef. De kerst was deze keer vrij van optredens, een ander orkest speelde in de club. Het orkest zou dan in januari vertrekken met een militair vliegtuig vanaf Ramstein. Tjoam had nog wat spulletjes gedumpt in een vorig kosthuis in Ramstein. Nog even een voorconcert geven voor de grote Fats Domino, die in een private Jet landde in Ramstein... en daarna klaar voor vertrek. Opeens als een donderslag bij heldere hemel...een artiest was omgekomen aan het front in Vietnam zo werd verteld...de eerste bommen vielen...Alles werd afgelast, of het de ware reden was wist Tjoam niet te vertellen, maar het was niet anders, het kon gebeuren in de army, dan had je aan een contract ook niets. Bijna...schreef Tjoam, zonder te vermoeden zou het woord... bijna... nog vaak voorkomen in het leven van Tjoam.

Het was januari, het orkest zat zonder werk...wat nu...Tjoam solliciteerde bij het orkest Chris Rheinhard, moest voorblazen in Wiesbaden, werd aangenomen maar kon dan beginnen in maart/april van dat jaar. Gelukkig had het oude orkest nog werk gekregen in een soldatenclub ergens in de Pfalz. Tjoam moest dan nog twee maanden overbruggen om in het Chris Reinhard orkest te beginnen. Er meldde zich een poporkestje aan...mooi man zei Tjoam...jongelui met gitaren en twee zangeressen. Natuurlijk moest Tjoam zijn mond houden over zijn voornemen, het was maar tijdelijk in dit leuk orkestje...alleen Tjoam had nog een probleem hij ontmoette een vrouw, bleef aan haar hangen zoals ze dat zo mooi zeggen. Tjoam kwam nu wel in de problemen, ze danste in een andere band die ook tourde door Duitsland en zelfs daar buiten. Ze kwamen net terug van Tripoli waren in Ulm, gingen verder spelen in Bayern. Tjoam ging naar Chris Rheinard en de eerste maand was een tournee gepland van 4 weken elke dag ergens anders spelen, leven uit de kofferbak...dan zijn keuzes maken even moeilijk...Het orkest ging naar Zweden en het vrouwtje naar Bayern...ze zat mit tjongk...zoals een Grunneger dat zegt. Tjoam zijn leven zou drastisch veranderen...
Volgende keer weer verder over mijn vriend Tjoam.

Groetjes
John Hoekman







dinsdag 25 maart 2014

Logboek 135



één van de orkestjes waar Tjoam eens in speelde in Duitsland. Van links naar rechts
Hongarije, Engeland,Duitsland, Israel,Turkije en Nederland, over multicultureel gesproken.


Een tijdsbeeld van de voorstelling 'olwiefkenijs' en de rare ideeën van een gepensioneerde dorpsdirigent. Het verhaal over Tjoam de muzikant.

Het is zondagmorgen 23-3-14 op de thermometer 7c winderig/regenachtig.


De voorstelling ‚Olwiefkenijs’

Ik had de afgelopen week twee optredens, vrijdagmorgen Appingedam, verzorgingshuis „Damsterheerd" s’avonds naar het t Zand. Het was kloktijd half elf in de morgen toen ik in Damsterheerd begon, de zaal vol, super publiek. Volgens afspraak weer twee hoofdstukken uit het programma, het is dan jammer om het hele programma niet te doen maar met de energie van de oudjes moet je ook rekening houden.

s’Avonds op naar het t’Zand, gelukkig geen brand in t Zand. Het oude dorpshuis was me nog bekend uit vroegere tijden, toen de boeren daar hun feesten hielden. De goede oude tijd met de kleurrijke personage van wijlen boer Perdok, doe altijd met cilinderhoed op de feesten bezocht.

Het programma is voor dit soort publiek in het t Zand als het ware gemaakt. Bij de oudjes boven de 70 meestal dames moet je ook nog een beetje op je woorden letten, maar voor dit publiek...gooi de boel maar los. Leuk is te vermelden dat de Hollanders tussen de Groningers het ook leuk vinden ondanks dat ze het maar amper begrijpen, de grappen over de allochtone Hollanders ook nog eens vrolijk in ontvangst nemen. Dus twee optredens die weer leuk waren.

Ik ga de Volgende week voor de derde keer naar Wagenborgen.

Het verhaaltje over mijn kameraad Tjoam

Ik vertelde in mijn vorige blog dat we op 18 jarige leeftijd in een muziekbandje speelden. We waren iedere week op pad en daarbij nog aan het ‚wichtern’ zoals een Groninger dat beaamt te zeggen, een te gekke tijd. Het duurde niet zo lang want de gitaarbandjes deden hun intrede. In Gasselte kwam dan voor een optreden Shocking Blue of Rob de Nijs met zijn band. Ons orkestje moest ook mee in die richting, al snel waren de blazers overbodig. De Indonesiërs waren in het land gekomen, daar zaten  hele goede gitaristen bij. Het orkestje ging dus verder zonder blazers Tjoam en ikke waren niet meer nodig.

Ik bleef in de harmonie spelen, vervolgens kreeg ik een baan bij de AKZO. Je zou kunnen zeggen een huisje boompje beestje figuur. Tjoam ging na de HBS/LTS toelatingsexamen doen om te studeren aan het muzieklyceum in de stad, datzelfde jaar werd deze school een conservatorium. Tjoam zat dus op het conservatorium, maar we bleven boezemvrienden. Het was voor Tjoam een harde strijd om als provinciaaltje ietwat 'doekeg’ zich te handhaven tussen de groten der Nederlanden. Je moest in die tijd, alsook op de HBS, alle vakken doen, er waren geen keuze mogelijkheden. Tjoam kwam in aanraking met vakken waarvan hij dacht waar heb ik het in godsnaam voor nodig. Hij zei altijd ‚ wat heb ik vroeger misdaan om dit mee te maken.’

Tjoam was op het conservatorium veel meer met pianospelen bezig dan met de klarinet. Twee keer in de week zingen en dan nog koor. Tjoam was geen zanger, thuis op de boederij werd vanzelfsprekend door de Grunneger boer ook nooit gezongen, dan zijn de frustaties groter dan het kunnen, vooral nog in het bijzijn van talenten. Zijn kameraad later de grote kerkorganist Piet Wiersma was ook geen kei in de zangkunst beiden stonden als steun en toeverlaat, grote tenorzangers in het schoolkoor, dus ook altijd nog de pineut. Muziek-analyse, geschiedenis, harmonieleer en ga zo maar door. Een klassieke opleiding, Tjoam deed toch liever het lichtere genre, maar deed mee, had geen andere keus. Hij ging ook iedere woensdag naar het GOV (groninger orkest vereniging) om thuis te geraken in de klassieke muziek. De Beatles die toen net populair werden noemde Tjoam liever niet op deze school, dan werd je scheef aangekeken.

Tjoam keek ook ontzettend op tegen de leraren. Ze noemden hun leerlingen... kind...ook als was je iets ouder of zelfs getrouwd dan nog werd je kind genoemd. De leraar zei dan wel eens Bach is de Martinitoren ik ben die grote kei aan de voet van de toren en jullie zijn kiezelsteentjes. Als ik nu in de stad ben, voorbij deze kei loop dan moet ik met een gniffelen aan Tjoam denken.Tjoam mocht eigenlijk ook niet in een bandje spelen het zou de school schaden. Na het eind-examen moest Tjoam nog een jaar alleen voor de zang. Hij verzweeg dan ook dat hij, in deze vakantieperiode via via naar Zweden ging om in een danskapel te spelen. Tjoam schreef mij altijd brieven, was helemaal niet gelukkig in dit orkestje. Je moest zo schreef hij iedere avond maar weer dezelfde Duitse schlagers spelen. Na Ingolstad en Wyk auf Fhör bij Denemarken trok Tjoam weer naar het Grunneger land.

Tjoam kreeg al snel een aanbieding vanuit Duitsland van een groter orkest met meerdere blazers. De keuze was of weer naar school of het Duits orkest, de beslissing was snel gemaakt. Tjoam vertrok naar Baumholder, kwam in een groot orkest terecht die optrad voor de Amerikaanse soldaten die daar waren gestationeerd. Hier was het 'im satz blazen’ net als in de grote big bands, solo partijen en de vaste zangeres begeleiden. Tjoam was terecht gekomen, op zijn plaats zou je kunnen zeggen. Het was ook voor die tijd dik geld verdienen. Tjoam besloot niet weer terug te gaan...maar er was één maar....Hij was het jaar daarvoor goedgekeurd voor de dienstplicht...toen wel...waarom niet toen hij werd aangenomen bij de Johan Willem Frisso kapel? Tjoam werd, zo liet hij mij weten, juist toen hij in Duitsland vertoefde opgeroepen voor de militaire dienst. Tjoam ging niet, stond te boek als voortvluchtig want hij kwam niet opdagen. Hij dacht ikke niet...dan maar nooit meer de grens over, geen contact meer met het thuisfront, wat hij zowiezo al niet meer had. Hij had namelijk de auto meegenomen van thuis en dan moest hij die ook weer afstaan. Tjoam schreef me dat het hem ook niet lekker zat, maar zonder auto kun je niets als rondtrekkende muzikant en het verdiende geld maakte hij elke maand op aan drank en vrouwen, waar heb je het anders voor schreef hij... Samen met de gitarist, een geweldenaar op zijn instrument, werd na het spelen niet één nachtclub overgeslagen. Alhoewel dat met die vrouwen wel meeviel vertelde hij later.

Volgende keer de succesjaren van Tjoam...

De klarinet

Ik schrijf nu de klarinet-artikeltjes op Netlog.nl want niet iedereen heeft interesse in deze informatie.Het heeft op Netlog een eigen plekje.
Het is bedoeld voor de mensen die een instrument willen aanschaffen of voor de ervaren klarinetist die meer wil weten over het instrument. De saxofoon zal zijdelings voorbijkomen in deze artikkeltjes.

Groetjes
John Hoekman